Artikel uit het Parool van 7-8-1987:
Club van nazaten evacués spurt naar elfhonderd leden
" Schokkers, die zijn familieziek"

Terug op Schokland, de bestuursleden
bij de oude haven.
Foto: Jan Blom.
Door Jeroen Corduwener.
SCHOKLAND - Er is geen andere plek in heel Flevoland te vinden waar de zee
nog zo voelbaar aanwezig is, als Schokland. De merkwaardige puist in de Noordoostpolder
ligt weliswaar temidden van bos, wei en akkers, maar de sfeer op dit voormalige
Zuiderzee-eiland ademt krap anderhalve eeuw na de dramatische evacuatie van
de bewoners, nog steeds die van de nimmer aflatende strijd tegen het beukende
geweld van de golven.
De nazaten van de èchte Schokkers kennen dat gevoel
als geen ander. Vorig jaar richtten enkelen van hen een 'Schokkervereniging'
op. Binnen enkele maanden telt het ledenaantal 1100.
"Ze zijn zo familieziek",
verklaart D. Landsman, de voormalige beheerder van het museum Schokland. Samen
met hem wil de vereniging "Schokland weer compléét maken".
Want Schokland is méér dan alleen een kerkje met een museumpje.
De provincie Flevoland is inmiddels zéér geïnteresseerd
geraakt. Toch nog levende historie in het Nieuwe Land.
Als Henk Toeter het
gebouwtje 'De Lichtwater' tot op enige tientallen meters is genaderd, houdt
hij plotseling halt. "En hier is het allemaal gebeurd, 130 jaar geleden.
Die sfeer, dat proef je nog steeds." Voor ons ligt de haven van het oude
Emmeloord, middenin de akkers. In de kom staat regenwater. De voorzitter van
de Schokkervereniging ziet de laatste bewoners op de steigers staan en inschepen
in de botters. Het is 1859 en het door de zee bedreigde eilandje moet op last
van koning Willem III ontruimd worden. "Ze moesten alles meenemen wat
boven de grond stond", vertelt tweede voorzitter C.G. Diender. "De
Schokkers zijn de enigen die wèl geëvacueerd zijn, maar nooit terug
hebben kunnen komen. Daarom is die onderlinge band ook nog steeds zo sterk".
Want ook nu nog, bijna anderhalve eeuw geleden, weten Schokkers elkaar te vinden.
Vaak zonder dat ze van hun wederzijdse verleden weet hebben. "Ik ben getrouwd
met een Toeter, dat is een èchte Schokker naam", vertelt Diender. "En
ik wist echt niet dat ze van Schokland kwam. Ik heb haar in Brabant ontmoet." Toeter
zegt nog wel zeven van dergelijke "per ongeluk-expres" huwelijken
te kennen.
Is het daarom gèk dat er zich binnen anderhalf jaar 1100 leden bij de
Schokkervereniging aangemeld hebben? Het begon op een feestavondje in Urk,
waar alleen wat medewerkers van een boekje over Schokland waren uitgenodigd.
Diender meldde zich ook, maar mocht niet komen: "Meneer, ik heb een zaaltje
voor 75 mensen. En er hebben zich nu al honderdvijftig opgegeven, zegt die
organisatrice tegen me." Dus ik ben beleefd, ik ga niet. Een week later
kom ik één van die aanwezigen tegen. "Waarom was jij niet
in Urk ? D'r waren driehonderd mensen". Nou, in die sfeer is de vereniging
opgericht."
Witte en grijze wolken jagen over het voormalige Zuiderzee-eiland. Langs de
haven grazen schapen. Toeter, Diender en D. Landsman (de enige niet-Schokker
in het gezelschap) wijzen naar hobbeltjes en kuiltjes in het weitje bij 'De
Lichtwachter'. Dáár moet het gemeentehuisje hebben gestaan, ginds
de pastorie. Die kuil hier is de kerk geweest en daar links was het kerkhof.
Als de vereniging haar zin krijgt, wordt het leven van voor 1859 op Schokland
weer tastbaar. "Het is een idee. Als je nu aan Schokland denkt, dan denk
je aan het kerkje. Maar dat is Schokland niet. Schokland is Schokland. Dat
is ook het dorpje Emmeloord. Of de Zuidbuurt. Dat willen we de mensen duidelijk
maken. Hier op Emmeloord willen we met stenen markeren waar de huisjes gestaan
hebben. Niet uit nostalgie of zo, dat is niet de bedoeling. Maar om Schokland
compléét te maken, als je begrijpt wat we bedoelen."
Familierelaties
De plattegrond kan 'gevisualiseerd worden', omdat er een goede kadastrale kaart
uit 1832 is. Toeter rolt een blauwdruk uit: "En dit is uniek," zegt
hij, wijzend op de lange lijst met namen. Daar is de complete bevolking van
Emmeloord opgeschreven, uitgesplitst naar woning. Maar het èchte bijzondere
van deze maxistamboom bestaat uit de familierelaties. "Je kunt je wel
voorstellen op zo'n eiland waar niemand op kwam en niemand afging, dat daar
een behoorlijke inteelt was. En dat kun je op deze stamboom inderdaad uitstekend
zien." De vereniging presenteerde het plan op 3 maart aan de Top van Flevoland
bestaande uit J.C.J. Lammers, ir. J.C. de Koning (RIJP-baas) en burgemeester
H. Hofstee Holtrop van Noordoostpolder. "Ja, die waren héél
enthousiast". En nu is men in de slag, met Staatsbosbeheer, als grondeigenaar,
om het idee te realiseren. Dat kost nogal wat moeite, legt Diender uit, want
deze dienst wil liever geen bordjes en dergelijke in het bos. "Maar wat
is hier nu belangrijker: de mens en diens achtergronden of de natuur.”
Het gaat er om de geschiedenis laten leven. Of te herleven. Toeter: “We
passen er voor om de archeologie naar boven te halen. Dus de fundamenten van
die huizen, die nog steeds in de grond zitten, die blijven erin.”
De èchte resten van Schokland zijn te zien op een tentoonstelling die
ingericht wordt in het Walkate Archief in Kampen. De waarde (ongeveer een half
miljoen gulden) maakt het onmogelijk om de expositie op een veilige plaats
in Flevoland op te stellen. De tentoonstelling duurt nog tot en met 12 september.
De symbolische herinnering moet tot uitdrukking komen in een beeld van de Almeerder
Simon Bolhuis. Diens ontwerp van een echtpaar in Schokker klederdracht is al
een plaatsje toegedacht: tussen kromgebogen bomen aan de rand van de haven
van Emmeloord. Alleen wordt er nog gezocht naar de betaling van de kosten,
geschat op twee ton.
Museum
En tenslotte wenst de Schokkervereniging dat Schokland uitgebouwd wordt tot
een cultureel centrumpje met recreatieve waarde. Het museum, dat nu alleen
archeologische en geologische voorwerpen herbergt, moet een Schoks monument
worden.“Zal het cultureel-historische aspect een gelijkwaardige plaats innemen,
naast het geologische en archeologische?”, vraagt de vereniging zich hoopvol
af.
Wie weet. Voor 1 oktober aanstaande moeten de bouwwerkzaamheden
voor het vernieuwde museum zijn voltooid: de houten gebouwen hebben plaats
gemaakt voor
stenen pandjes, er is een horeca-gelegenheid in aanbouw en de omgeving van
het beroemde kerkje wordt opgeknapt. Toeter volgt als ambtenaar van de Rijksdienst
voor de IJsselmeerpolders èn voorzitter van de Schokkvereniging de werkzaamheden
met belangstelling.
Terwijl de graafmachine in het eiland wroet en de bewonerslaag
uit de late Middeleeuwen blootlegt, raapt hij wat scherven uit de aarde. "Er
komt nu eindelijk wat van het leven uit Schokland boven," constateert
hij tevreden. Zijn slagzin luidt: Zonder Schokland geen Flevoland. Maar het
omgekeerde is misschien nog maar waar.