Artikel uit het Reformatorisch Dagblad van 23-5-1995:
"Ik kan mijn doel niet bereiken"
Museum Schokland moet op zoek naar een nieuwe directeur

SCHOKLAND - Directeur W. M. Oosterhof: "Er is hier
te weinig ruimte om alle historische schatten te kunnen laten zien. Daarom
ga
ik weg"
Foto Axipress
Door H. de Boer.
SCHOKLAND - "Ik vind dat er te weinig ruimte is om alle historische schatten
te kunnen laten zien. Dat steekt me. Daarom ga ik weg". Directeur W. M.
Oosterhof van museum Schokland is niet verbitterd. "Ik verwijt niemand
iets. Maar ik kan hier mijn gestelde doelen niet bereiken"
"Museum Schokland is een trefpunt van mensen die zich interesseren voor de historie
van het eiland en de archeologische en geologische vondsten welke aantonen
dat wat nu polder is, duizenden jaren geleden al eens eerder land was",
zo doet een kleurige reclamefolder uit de doeken.
Oosterhof (49) is vanaf 1981
directeur van het museum op het voormalig Zuiderzee-eiland in de Noordoostpolder,
dat tussen de dorpen Ens en Nagele ligt. Bij het droogvallen van de polder,
in 1942, kwam het eiland aan de wal te liggen. Dat is ook duidelijk te zien.
Vanwege het hoogteverschil valt Schokland direct op in het verder vlakke polderland.
Toen Oosterhof in 1981 aantrad, was zijn eerste taak om het eiland "overdrachtsklaar" te
maken. Dat hield in dat het bezit van het toenmalige ministerie van Verkeer
en Waterstaat over kon gaan in handen van de gemeente Noordoostpolder. "Het
zag er in die tijd niet uit", weet Oosterhof nog. "De noodgebouwen,
die voor de polderpioniers waren gebouwd, dienden als museumruimte".
Nummer 1
Maar de nu bijna ex-directeur was ambitieus, wilde meer. Naast de kerk uit
1859, het enige overgebleven bouwwerk van de vroegere bewoners, verrezen nieuwe
gebouwen. Hier worden nu werktuigen, stenen gebruiksvoorwerpen en aardewerk
van primitieve culturen ("duizenden jaren oud") tentoongesteld. Ook
geologische vondsten zijn te bewonderen. Zwerfstenen, mineralen, fossielen.
Te veel om op te noemen.
"En toch valt er nog te weinig te zien",
vindt Oosterhof. Oorzaak: ruimtegebrek. Vanaf het moment dat hij directeur
werd probeerde Oosterhof daar verschillende keren verandering in te brengen. "Dit
is qua geschiedenis leefgebied nummer 1. Er valt nog veel meer te zien. Echte
krenten in de pap. Dat ligt allemaal opgeslagen".
Alle ontwikkelde plannen
werden afgeblazen. Ook het voorstel om op enkele kilometers van Schokland zelf
een museum te gaan runnen. "Voor die expositie, Historion, vroeg ik aan
de gemeente een eenmalige bijdrage van 1,2 miljoen gulden. Het zat er niet
in", klinkt het ietwat machteloos. "Maar ik snap het wel. Het is
de geest van de tijd. De Noordoostpolder is opgezet met prioriteit voor de
landbouw. Logisch dat dan cultuur-historie op de tweede plaats komt".
Werelderfgoed
Inmiddels is het gebied voorgedragen om op de lijst van "werelderfgoed" van
de Unesco te worden geplaatst. "Dat was de druppel die de emmer voor mij
deed overlopen", verklaart Oosterhof. "Schokland krijgt nu dezelfde
behandeling als bijvoorbeeld de piramides van Egypte en de Chinese muur. Begrijp
me goed, ik vind het volstrekt juist dat het eiland deze onderscheiding krijgt.
Maar ik kan me niet vinden in de uitwerking".
Die houdt in dat het eiland
en de kerk "geconserveerd" dienen te worden. De gebouwen die in de
tweede helft van de twintigste eeuw zijn verrezen, mogen blijven staan. Maar
daarnaast mag het museum nooit weer om uitbreiding vragen. "Nu er dus
geen zicht meer op vergroting is, ga ik weg. Mijn doelstelling om de geschiedenis
optimaal uit te dragen, is onhaalbaar. En ik wil niet met een slepende doelstelling
doorwerken".
Oosterhof kan er niet om treuren. "Ik stond kortgeleden
voor de spiegel en zei tegen mezelf: Straks ben je 65 en heb je je doel niet
bereikt. Dat vond je kennelijk prima. Toen heb ik besloten om niet verder mee
te werken".