Artikel uit een krant van ??-11-2002:

Oud Schokland herleeft in Lelystad


Van een medewerker.

LELYSTAD - De bewoners van Schokland hebben in het begin van de negentiende eeuw niet vermoed dat het eiland in de Zuiderzee in 1859 zou worden ontruimd. Anders hadden ze in 1834 nooit een stenen kerkje laten bouwen. Dat meent het het duo Jannetje en Dubbel, gistermiddag te gast in het NieuwLand Poldermuseum in Lelystad.
Achter deze naam gaan Mathé en zus Jannetje Grootjen schuil, die zich voor de gelegenheid in echte Schokker kledij hadden gestoken. Ook het toenmalige dialect probeerden ze te imiteren. Hun optreden was gebaseerd op de verhalen van hun opa Dubbel Grootjen. De twee kropen in de huid van de Zuiderzeevisser en zijn vrouw Jannetje de Graaf. Opmerkelijk genoeg voerde juist Jannetje het woord. Haar broer verklaarde dat zij nu eenmaal makkelijker praat. Dubbel zat aan zijn visnet te werken en viel zijn zus af en toe bij met zijn gitaar en zang, Dat deden de Schokkers van toen ook altijd, merkte Jannetje op. Of ze nu wilden flirten met de meisjes bij de haven of om hen ten huwelijk te vragen.
Ongeveer twintig bezoekers kregen op deze manier een beeld van de oude Schokkers en de ontruiming van het eiland in opdracht van Koning Willem III. Het duo maakte bovendien op een speelse manier duidelijk hoe het dagelijks leven op Schokland er anderhalve eeuw geleden uitzag. Na de ontruiming mochten nog maar enkele mensen op het eiland blijven wonen. Die uitzonderingsmaatregel gold bijvoorbeeld voor de havenmeester en de vuurtorenwachter. Bij de drooglegging van de polder viel de grond om Schokland droog, waardoor het voormalige eiland opging in het 'nieuwe' land.
Dubbel en Jannetje besteedden veel aandacht aan de ontruiming, omdat het hun grootouders zo had aangegrepen. Hun familie verhuisde voor een deel naar Kampen, de rest kwam in Volendam terecht. Voor het oude Schokland was de haven het belangrijkste, omdat de visserij vrijwel de enige bron van inkomsten was. Tweehonderd boten konden er terecht en de schippers maakten er een wedstrijd van om als laatste binnen te komen. Dan konden ze de volgende dag weer als eerste het grote water op. Terwijl de mannen de haven verlieten, bleven de vrouwen achter op Schokland. Niettemin hadden ze het respect van de mannen, aldus Dubbel en Jannetje. Niet voor niets klonk een refrein uit een bekend liedje van die tijd: 'Maar de vrouw is het nekkie waar de wereld omdraait'. Dat was voor Dubbel meteen het moeilijkste moment van de voorstelling. 'Zo'n zin krijg ik niet uit mijn mond', liet hij weten.