Artikel uit De Stentor van 13-11-2003:

'Die verstilde sfeer houden we op Schokland'


Van een onzer verslaggevers.

SCHOKLAND - Over twee jaar ligt Schokland er piekfijn bij, is de overtuiging van Gerben Ekelmans. In vergelijking met tien jaar geleden is het Werelderfgoed al 'aantoonbaar opgeknapt'. Publiek is er welkom, maar massatoerisme ongewenst. 'Die verstilde sfeer, die houden we. Die is heilig. Dat is Schokland.'.
De restauratie van de kerkruïne op de zuidpunt van Schokland, met de herbegrafenis van de Schokker beenderen, het opknappen van de vuurplaat en de waterput, de restauratie van de noordpunt met Lichtwachterswoning en Misthoorn. Laat niemand zeggen dat er niets is gebeurd. De klagers dat Schokland er zo treurig en lelijk bij lag, is het zwijgen opgelegd, meent Gerben Ekelmans.
Nog niet alles is klaar. De gemeente ontwikkelt plannen voor het vervangen van het palenscherm op de museumterp. Die vallen duurder uit dan gedacht, is nu al bekend. En het Flevolandschap worstelt al jaren met het bij elkaar schrapen van subsidies om de oude haven op de noordpunt te kunnen restaureren. Dat is bitter nodig. De plankieren zijn nu te slecht om over te lopen. Het wachten is op de laatste subsidies. Die van de ministeries Landbouw en VROM is toegezegd.
Het nieuwe bouwbesluit, met een grote nadruk op veiligheid, maakt de plannen van het Flevolandschap een ton duurder dan gedacht.

Vernatting
Maar het belangrijkste project voor Schokland is toch de ontwikkeling van de hydrologische zone, het vernattingsproject. Met als belangrijkste doel de bescherming van de in de bodem aanwezige archeologische waarden. De vernatting van 135 hectare moet ook de verzakking van het eiland tegengaan. Niets doen zou betekenen dat Schokland onder het poldermaaiveld zou zakken en zijn zo karakteristieke uiterlijk in het polderlandschap zou verliezen.
De plannen boden tegelijkertijd kansen voor de ontwikkeling van natuur en betekenden een impuls voor recreatie en toerisme. Om de beleving van cultuurhistorie te versterken, zijn er terpjes en dijkjes aangelegd, op die plaatsen waar ze in een ver verleden ook lagen. De afdrukken zaten nog in de bodem. Ekelmans: 'En wat heel belangrijk is: het zicht op Schokland blijft behouden.' Het grondwerk is gedaan. De pompput in de Schokkertocht, heel belangrijk voor de waterhuishouding, draait al proef. De stuwputten zijn er ook om voor elk deelgebied het water op het gewenste peil te houden. Dertig centimeter onder maaiveld, is het peil volgens afspraak. Een compromis. Archeologen zien liever meer water, landbouwers minder. 'Je ziet nergens grote plassen, alleen op enkele plekken is er wat open water', aldus Ekelmans.

Muggen
Voor een muggenplaag hoeft niemand bang te zijn, voegt hij eraan toe. 'Dat is misschien een tijdje het geval, maar als de natuur zich een beetje stabiliseert, is het voorbij.' Die natuur bestaat uit 135 hectare bloemrijk grasland. De bedoeling is het grondwaterpeil langzaam op te voeren tot de gewenste hoogte. 'Dat voorkomt veronkruiding en rietvorming. Zo krijgt onkruid geen kans. Dat de boeren de ontwikkeling kritisch zullen volgen, verontrust Ekelmans geenszins. 'Dat mag ook. Er zijn goede afspraken gemaakt en alles is erop gericht dat er geen vernattingsschade ontstaat. Dat gebeurt ook niet. Het agrarisch gebied zal hier geen schade van ondervinden.'
Hoe het Flevolandschap het schrale grasland zal beheren, is nog niet helemaal duidelijk. Het is ook afwachten hoe de natuur in de zone zich ontwikkelt. De eerste jaren zal het vooral maaien en afvoeren zijn. Daarna volgen mogelijk grazers, koeien of schapen. Maar de waarde van de natuur ligt vooral in de flora.

Eretitel
Uniek noemt Ekelmans het dat de archeologische waarden de inrichting van het gebied hebben bepaald. Dat is ongekend. Die waarden zijn het best beschermd in een natte bodem. Maar een Werelderfgoed als Schokland is het waard. Ekelmans: 'Dat Schokland Werelderfgoed is, moet je zien als een onderscheiding, als een eretitel. En dat schept ook verplichtingen, tot een beheer dat een werelderfgoed waardig is. En dan moet je niet alleen denken aan behoud, ook aan ontwikkeling. Er gaat echt geen kaasstolp overheen. We willen dat mensen het gebied gebruiken en bezoeken.'