Artikel uit De Stentor van 7-6-2005:
Met verhaal eventjes helemaal van de wereld
door LYDIA HYNDLE
7 JUNI 2005 - SCHOKLAND - De hele dag luisteren naar verhalenvertellers. Het
gebeurde zondag tijdens de Nationale Verteldag. In Flevoland waren de nodige
boekenschrijvers en acteurs neergestreken op Schokland.
Ouders met peuters in
de armen of aan de hand, lopen op het bezoekerscentrum van de Gesteentetuin
van Schokland af. Ze komen luisteren naar de verhalen
van schrijversduo Dieter en Ingrid Schubert.
Zo’n veertig kinderen en
dertig ouders hebben een plaatsje. Het feest kan beginnen.
Dieter haalt een
fles met een brief erin tevoorschijn. Langzaam peutert hij het gelige vel uit
de fles. Er staat onder andere een krokodil op.
"Snappie!",
gilt een kind. De ouders liggen plat.
"Nee, dat is niet Snappie",
corrigeert Ingrid. "Dat is de krokodil die onder het bed ligt. Het eerste
verhaal dat Dieter en ik hebben geschreven."
Ingrid pakt een groen boek en slaat snel de kaft om. De krokodil in het boek
blijkt helemaal niet eng te zijn, hij is juist gekomen om de angst van hoofdpersoon
Peggy voor de groene monsters weg te nemen. Dat is voor sommige kleuters iets
te zoetsappig.
"Wat zou jij doen, als er een krokodil onder je stapelbed
lag?", vraagt Dieter aan het jonge publiek.
"Ik zou hem doodschieten",
schreeuwt een bloeddorstig ventje meteen.
"Ohhhh", roept het echtpaar
Schubert quasi diep geschokt. De kleuters zijn wat minder onder de indruk en
beginnen te lachen.
"Mijn zoontje en ik zijn bij het eerst verhaal neergeploft en we zijn
er nog steeds. Mijn man was het zat, die is even een rondje aan het wandelen
buiten", vertelt Wilma van de Merwe uit Ens. Haar zoontje kijkt op de
eerste rij zijn ogen uit. "Hij vindt het heel leuk, ze betrekken de kinderen
er ook echt bij."
Terwijl de vertellers de kleuters bezighouden in de Gesteentetuin,
zoekt menig volwassene vertier op de Middelbuurt van Schokland, in het museumkerkje.
Van
elf uur ’s ochtends tot vijf uur ’s middags zijn daar aan één
stuk vertellers actief. En dat zijn mensen van naam en faam: dominee Nico ter
Linden, Kader Abdolah en Henk van Ulsen onder andere.
Acteur Peter van Pagee
is ook van de partij en voert zijn publiek in de filmzaal op het eiland terug
naar de tijd dat het IJsselmeer nog de Zuiderzee was. De tijd van stormen en
barre winters. Van Pagee moet duidelijk het oudere publiek vermaken. Naast
de drie meisjes van een jaar of elf op de eerste rang, die stevig op een dropstok
zitten te zuigen, zijn de meeste toeschouwers de veertig gepasseerd. In een
dikke bruine wollen trui gehesen, banjert Van Pagee voor in de zaal driftig
heen en weer. Hij gaat samen met zijn denkbeeldige vader en broer Karel botkloppen
op de bevroren Zuiderzee. Door met een eikenhouten stok op het ijs te slaan,
worden de vissen op de bodem van de zee onrustig en zwemmen ze zo het net van
de vissers in. Na een machtige vangst, komen de drie vissermannen erachter
dat het ijs waar ze zich op bevinden, aan het wegdrijven is. De paniek bij
de hoofdpersoon is groot en hij vreest voor zijn leven. Van Pagee gaat steeds
meer zweten onder de warme lamp. Hij blijft wilde bewegingen maken en gaat
helemaal op in zijn rol. Uiteindelijk overlijden Karel en zijn vader, het schouwspel
is voorbij, er wordt luid geklapt.