Artikel uit De Stentor van 10-04-2006:

Stenen zoals de zee ze achter heeft gelaten


door ANNEMIEKE JANSE

Het museumweekend bood jong en oud een uitgelezen kans de stenenzolder van Museum Schokland te bezoeken.
Foto HANS VEENHUIS

10 APRIL 2006 - SCHOKLAND - Akash Zafer uit Dronten is nog maar tien jaar, maar helemaal gek van archeologie en in het bijzonder van fossielen. Het is dan ook geen wonder dat hij zijn ouders op deze open museumdag heeft meegetroond naar de ‘stenenzolder’ van het museum Schokland. Want daar ligt de unieke collectie stenen en fossielen van de geologen Van der Lijn en Boelens.
Met een loepje, geleend van zwerfstenenkenner Niek Wijngaards, onderzoekt de jonge ontdekker een steen. Op de vraag of het een bijzondere is, antwoordt de archeoloog in spe: ‘Er zit goud in en dat vind ik zo mooi.’ Eigenlijk gaat zijn voorkeur uit naar het oude Egypte, maar fossielen en stenen hebben ook zijn interesse. Hij wil later archeoloog worden en daarnaast basketbalspeler. Het eerste uit liefde, het tweede omdat je er verschrikkelijk rijk van kan worden. Akash bekent dat hij al een beetje beroemd is. In november vorig jaar zat hij in het EO programma blinQ, omdat hij actie voerde voor arme kinderen in Bangladesh. De actie is zelfs geopend door Ali B.
Van wie hij het allemaal heeft weten zijn ouders niet, maar ze vinden het wel leuk zo’n ondernemende zoon. En omdat de ‘stenenzolder’ - de geologische schatkamer van de Vrienden van Schokland – maar een paar keer per jaar geopend is voor publiek, hadden ze er graag een ritje uit Dronten voor over.

Schokkerkoor
Terwijl buiten een groep mensen met Marretje Kwakman naar het woonterpje de Zuidert kuiert, nemen leden van het Kamper Schokkerkoor langzamerhand bezit van het eiland. Zij verzorgen deze zondagmiddag een optreden in het kerkje. De mensen die, uit de wind en in een voorzichtig zonnetje, plaats hebben genomen op het terras, krijgen zomaar een parade van klederdrachten te zien. In het museum zelf lopen verschillende gezinnen, maar lang blijven ze er niet. Langdurig stilstaan bij vitrines met stenen en archeologische vondsten is misschien wel boeiend voor de echte liefhebbers, maar voor de leek is het, zoals een jongetje tegen zijn vader zegt: ‘Gewoon maar een steen.’ En ook al probeert zijn vader uit te leggen dat die steen lang geleden een hele reis heeft afgelegd uit het hoge noorden, het boeit hem niet.
Meer succes is er te halen op de zolder, daar geven amateurgeologen graag uitleg over de herkomst en de betekenis van de zwerfstenen. Dan blijkt dat er over die ‘saaie’ steen een heleboel te vertellen valt. Hanny de Jong woont in Nagele en volgt al vijftien jaar archeologische cursussen op de stenenzolder. Vandaag is zij een van de vrijwilligsters die mensen tekst en uitleg geven over de zwerfstenen.
Ook Niek Wijngaards uit Lelystad is aanwezig om mensen in te wijden in de avonturen van de stenen. Hij is zwerfsteendeskundige. Een moeder en drie dochters komen de trap op en Wijngaards weet gelijk hun belangstelling te wekken. Hij wijst op twee borden met oude foto’s die op de grond staan. Het zijn foto’s uit 1942 van de pas drooggevallen Noordoostpolder. Wat je ziet is een eindeloze vlakte, bezaaid met zwerfstenen, groot en klein. Op een foto staat een man naast een enorme zwerfkei. Het is Pieter van der Lijn (1870-1964), hij is de grondlegger van de beroemde collectie zwerfstenen van het museum. ‘Dit zijn stenen zoals de zee ze heeft achtergelaten. Getransporteerd door het Scandinavische ijs met een vaartje van zeven kilometer per eeuw; 1500 kilometer. Kun je nagaan hoelang de stenen erover gedaan hebben om hier te komen.’